“Toen werd mijn oudste zoon geboren. De baby in mijn armen, de deur dicht, en de wereld die gewoon doorging zonder mij.
Er waren mensen om mee heen, familie, vrienden, iedereen wilde er zijn. Ergens vond ik dat fijn maar ik kon er niets mee. Ze stonden in mijn huis en ik was er niet echt bij. Mijn hoofd, mijn hart, mijn hele zijn, alles was gericht op dat ene kleine mensje en de rest was ruis.
Wat ik nodig had, wist ik niet. Wat ik voelde, kon ik niet verwoorden.
Pas jaren later zag ik wat ik toen zo gemist heb. Niet meer mensen. Niet meer bezoek of meer bloemen of meer goedbedoelde adviezen. Maar iemand die naast me ging zitten zonder iets te verwachten. Die een praktische taak overnam zonder dat ik het hoefde te vragen. Die doorvroeg, niet alleen hoe het met de baby ging, maar hoe het met mij ging. Die me hielp voelen wat er eigenlijk in me omging. Die zei: dit is normaal. Je doet het goed.
Ik begreep het destijds niet en dat kon ik ook niet. Als je er middenin zit, kun je het niet overzien. Je voelt wel dat er iets is of iets mist, maar je kunt er geen woorden aan geven. Laat staan aan een ander vragen wat je nodig hebt. En het is oké, om midden in het mooiste te staan en je soms toch verloren te voelen.”
Inmiddels kan ik het wel zien, benoemen en begrijpen. En dat is precies wat ik wil aanbieden aan andere moeders. Dat is waarom ik MIJN ben begonnen.
